Stichting Victoriepompenlogo Stichting Victorie pompen  kaart Stichting Victorie pompenkaart Stichting Victorie pompenkaart Stichting Victorie pompen
Reisverslag                                                               November 2006


De voornaamste doelen van een bezoek aan de projecten in Togo en Ghana zijn nogal uiteenlopend.
Zo wordt een aantal door onze stichting geschonken touwpompen die in werking zijn bekeken.
Maar ook het onderhouden van goede contacten met de touwpompproducenten.
En, indien nodig of als daarom gevraagd wordt, het geven van adviezen bij de vervaardiging en het plaatsen van touwpompen.
Belangrijke bijkomstigheden tijdens het reizen zijn het verblijf en eten.
Over dit bezoek zou een klein boek geschreven kunnen worden. Nu een kort verslag.

Reis en Reizen

De reis en het reizen is goed gegaan.
Uit en thuis ongeveer 3000 kilometer over land en bijna 10.000 kilometer door het luchtruim.
In Ghana en Togo met openbaar vervoer gereisd naar de plaatsen waar de werkplaatsen zijn.
Vanaf Accra naar Bolgatanga in Noord Ghana is dat 850 km.
Om de geplaatste pompen te kunnen bekijken rijd ik met de pompenmakers mee.
De pompenmakers in Noord Ghana beschikken over twee oude rijdbare pick-ups, en in Togo heeft men sinds kort een lichte motorfiets.
Voordat zij deze eigen transportmiddelen hadden, waren ze aangewezen op openbaar vervoer.
In Ghana zijn dat meestal taxi’s.
En in Togo zijn dat Moto’s, bromfietstaxi’s.
Nu zijn de pompen-makers niet meer afhankelijk van anderen om hun pompen te gaan plaatsen.
Reizen doe ik meestal niet alleen. Altijd wordt ik opgehaald vanaf de luchthaven of vanaf een grensovergang, en ook weer weggebracht.
Soms reis ik een kort traject zonder begeleiding. Dan betreft het een goede reguliere busverbinding naar een vaste bestemming die ik al een aantal keren gemaakt heb.
De terugreis vanuit Noord Ghana is met een pick-up van het touwpompbedrijf gemaakt.
Het was een combirit van 1000 km. Er moesten in Zuidoost Ghana twaalf pompen afgeleverd worden voor een waterputproject van Stichting Afrikaad.
Deze rit in Bekwai-Ashanti onderbroken om te overnachten. Bekwai-Ashanti ligt zestig kilometer ten zuiden van Kumasi, in zuidelijk Ghana.
In Zuidoost Ghana de pompen in het dorpje Vumé afgeleverd. Een rit die niet vergeten zal worden.
Over nagenoeg onbegaanbare zandwegen en door rivierbeddingen heen.
Op de bovenkant van een verdiepte betonnen dam vast geraakt met de auto. Mede door duwkracht weer los gekomen.
Vanuit Akatsi zelfstandig naar Togo gereisd. Vanaf de grens achterop een Moto naar een busstation gereden.
Daar vandaan met een busje, met Paulin Tatrabor, naar Kpalimé gereisd.
Wanneer ik huiswaarts ga, brengen Paulin en Raymond Tatrabor mij altijd weg tot aan de grens van Togo.
Met een taxi, die aangeduwd moet worden en met acht passagiers, naar de grensplaats Nivé.
Na de grensovergang met een taxi, een oude omgebouwde stationcar en met twaalf mensen er in, over een zeer slechte weg naar de stad Ho.
Uit Ho vandaan met een goede minibus naar de hoofdstad Accra.
Vlakbij de luchthaven kon ik uitstappen. Een vriendelijke man hielp mij met de koffer dragen naar de luchthaven.
Na wat wachten en eten, ‘s avonds met de KLM mee terug naar Nederland.
De reis duurde precies vier weken, uit en thuis.

Logement en Verblijf

Bij aankomst in Accra logeer ik voor een korte nacht in Accra bij familie van Edwin Annan.
Edwin is de man van de touwpompen in Noord Ghana.
In Noord Ghana verblijf ik in het Catholic Social Centre in Bolgatanga.
In een eenvoudige kamer met een bed, een stoel, een tafeltje, een kast en een fonteintje.
Douche en wc voor algemeen gebruik. Eten kan ik op werkdagen in het Centre, in de weekeinden ga ik naar een restaurantje of een andere eetgelegenheid.
Deze periode heeft de vrouw van Edwin het avondeten voor mij verzorgd.
Tijdens de stop in Bekwai-Ashanti, op weg naar het zuidoosten, in het huis van de stiefmoeder van Edwin overnacht.
In Akatsi verbleven we twee nachten in een hotel. In Togo logeer ik in een hotelkamer in het stadje Kpalimé.
Dat is een luxe vergeleken met het eerste deel van de reis.
Hier kom ik dan ook weer een beetje bij van al de inspanningen die mij schijnbaar weinig moeite kosten.
Het ontbijt verzorg ik zelf in de kamer, meestal ook de lunch. Voor de avondmaaltijd ga ik naar een piepklein restaurant.
Hier kom ik al jaren. Meestal ben ik de enige gast. Het moet wel van te voren aangegeven worden dat ik kom, dan kan er voor verse producten gezorgd worden.
’s Zondags ga ik naar de kerk. De kerk in Kusuntu is favoriet.
Hier kwam ik tien jaar geleden al. Elke keer moet ik wat vertellen en de groeten doen in Holland.

De touwpompwerkplaatsen

Wat ik waarneem is dat men in Ghana en in Togo goed hun best doen om een goed product te maken en te plaatsen.
Ze zijn inventief en hebben er zin in.
In Ghana wordt het wiel in de bovenconstructie met waterdichte kogellagersets uitgevoerd.
De touwpompen met kogellagers zijn voor de particuliere verkoop.
Zelf wil ik deze toepassing niet. Het moet en kan simpel blijven.
In Togo en in Ghana heb ik ook nu weer een paar werkmallen ontworpen en deels gemaakt.
Eén om de kogellagers correct te monteren en de ander om het plaatsen van de touwpompen op het betonnen putdeksel te verbeteren.
Aan het eind van mijn verblijf trakteer ik de pompenmakers op een etentje en krijgen ze een fooitje en een kledingstuk.
Dat is gezellig en onderhoudend. We eten niet in een restaurant maar ergens waar ze zichzelf kunnen zijn.
In Ghana is dat in het Centre waar ik verblijf. In Togo in een plaatselijk eethuis.
In dit eethuis komt muskusrat in stukjes op tafel met de fufu.
Maar wel volledig met darmpjes, kop en staart voor de mannen.
Voor mij wat vlees van een ‘waterkonijn’ en een paar kippenpootjes met rijst.

In Ghana
De touwpompwerkplaats in Bolgatanga is een kleine ruimte van vier bij vijf meter.
Tot aan het plafond is heel de ruimte benut. Eigenlijk te klein om te lassen en de andere werkzaamheden uit te voeren.
Meestal wordt buiten de werkplaats gewerkt. Men is bezig om een stuk grond te kopen voor een nieuwe werkplaats te bouwen.
Hier werken negen pompenmakers.
Het noorden van Ghana heeft een droge en regenperiode. Zes tot zeven maanden valt er geen druppel.
Alles is dan heet, dor en droog. Je keel en neus zijn schraal van de droogte.
In Bekwai-Ashanti is ook een touwpompwerkplaats. Bekwai ligt in zuidelijk Ghana.
Bijna het hele jaar door valt er wel regen. Het is er warm en vochtig.
Maar het werk wordt meestal buiten onder een boom gedaan. Hier in Bekwai is Edwin opgeleid in het bedrijfje van zijn vader en daarna in het noorden voor zichzelf begonnen.
Na het overlijden van zijn vader hebben twee pompenmakers uit Bolgatanga het werk met de touwpompen voortgezet.
Tijdens het bezoek heb ik ook contact gehad met Rural Aid en een Districtbestuurder.
Zij geven de adressen van de waterputten aan de pompenmakers door, of begeleiden hen.

In Togo
In Togo is de touwpompwerkplaats in Kpalimé. Paulin Tatrabor is de eigenaar van deze werkplaats.
Zij werken met vijf man aan de touwpompen.
Paulin en zijn neef Raymond ken ik al vanaf het begin van de touwpompprojecten, in 1996.
Kpalimé is een kleine stad in zuidwestelijk Togo en ligt in een heuvelachtig gebied bij de grens.
Het klimaat is er heel vochtig en warm. Wel een heel verschil met noord Ghana.

Bekijken van geplaatste touwpompen

De touwpompen worden op waterputten geplaatst in dorpen, stadswijken, woongemeenschappen en familiehuizen.
In een stadswijk of dorp zijn meestal meerdere waterputten.
Ze zijn van de gemeente of van particulieren.
Op het uitgestrekte platteland in Noord Ghana bevinden de waterputten zich bij een familiehuis, in een woongemeenschap of centraal in een groot gebied.
Het aantal mensen dat water van een put gebruikt varieert nogal.
In een straat of bij een huis kunnen dat er bijvoorbeeld 30 mensen zijn.
In een dorp kunnen dat wel 350 mensen zijn. En op het platteland zijn er soms 600 mensen die van één waterput moeten doen.
Ook nu weer heb ik een aantal voor ons geplaatste touwpompen bekeken. Zowel op het platteland als in stadswijken en dorpen.
Dat is eigenlijk het mooiste deel van de reis.
Te zien en te ervaren dat mensen enorm gebaat zijn met een pomp op hun waterput. Dan zie ik hoe blij men er mee is.
Dan hoor ik dat het water tappen licht werk is geworden met een touwpomp op de waterput.
En dat er zoveel minder zieken zijn nu de put met een betonen deksel afgesloten is.
Prachtig om te ervaren en aan u door te mogen geven.
In Ghana werden dit jaar voor onze stichting 100 touwpompen geplaatst in het noordelijke district Kassena Nankana.
In het noordwesten in de omgeving van Lawra en Wa zijn 15 pompen geplaatst, en in Bekwai-Ashanti eveneens 15 pompen.
In Togo zijn dit jaar totaal 95 touwpompen voor ons geplaatst.
Ze kwamen in de dorpen Woamé, Kusuntu, en in wijken van Atakpamé, Lomé en Kpalimé. In Kpalimé heb ik één van de eerste touwpompen van ons gezien.
Zonder mankeren tien jaar water produceren.

Ontwikkeling

Tengevolge van de touwpompprojecten vindt er een goede ontwikkeling plaats.
Bij de bevolking, met een touwpomp op de waterput, is merkbaar dat hun gezondheid en de economische ontwikkeling vooruit gaat.
Zo ook bij de pompenmakers. Het is te zien dat het beter met ze gaat dan een aantal jaren terug.
Totaal hebben 16 mannen werk in de touwpompprojecten gekregen.
De werkplaatsen hebben hun eigen transportmiddelen aan kunnen schaffen.
Zowel in Ghana en in Togo wil men een nieuwe werkplaats gaan opzetten. Dit alles is heel mooi om waar te nemen.
Daarbij is het ook bemoedigend.

2007

Totaal konden 225 touwpompen geschonken worden in 2006.
Ze werden geplaatst op waterputten van mensen die zelf niet in staat zijn zo een pomp te kopen.
Het bestuur van Stichting Victorie Pompen is een ieder heel dankbaar die hieraan financieel heeft bijgedragen.
Graag willen wij als bestuur jaarlijks ongeveer 150 pompen laten plaatsen op waterputten van arme mensen.
We hopen dat het er meer kunnen worden. Misschien wel weer ongeveer 200.
We zouden het fijn vinden als u weer mee of ook mee wilt doen om dit te verwezenlijken.


Hartelijk dank voor uw belangstelling.
Jan Mons





waterdrup