Stichting Victoriepompenlogo Stichting Victorie pompen  kaart Stichting Victorie pompenkaart Stichting Victorie pompenkaart Stichting Victorie pompen
Reisverslag                                                               November 2005


Wanneer Jan Mons als afgevaardigde van Stichting Victorie Pompen naar de touwpompprojecten in Ghana en Togo gaat maakt hij meestal een reisverslag.
Dit keer in de vorm van verstuurde brieven vanuit Togo

Togo, Kpalimé, 17 november

Beste allemaal.Eindelijk na twee weken een brief van mij uit Afrika.
Met dankbaarheid kan ik vertellen dat het goed met mij gaat. Gisteravond ben ik in Togo aangekomen.
Helaas waren de Tatrabors er niet, waarschijnlijk hebbeb ze mijn brief per e-mail en PTT niet ontvangen.
Vanuit Ghana is ook nog gebeld naar ze maar geen contact. Ja zo gaat het soms, dus moest ik zelf zien in Kpalimé te komen, en dat ging goed, zelfs bij de immigration en douane.
Ik kon nog het adres krijgen van een gendarme maar ik vroeg waarom? Daarop had hij geen antwoord, dus geen adres erbij.
Ook was er geen kamer gereserveerd voor me dus heeft Paulin mijn brieven niet ontvangen.
Ik kreeg eeen rot kamer en ging daar niet mee accoord. Vandaag ga ik in een andere.
Paulins moeder was verrast dat ze me zag deze morgen. Verder was niemand in de werkplaats pompen aan het maken.
Zojuist zag ik in dit internethuis nog een oude bekende, Mamadu, en die had Raymond Tatrabor nog gezien, dus die zal ik ook wel gauw ontmoeten.
Nu eerst over de reis. Van huis uit in de file naar Schiphol maar toch ruim op tijd.
Het vliegtuig had ruim drie uur vertraging. Dit doorgegeven aan Francina en heeft zij dit aan Edwin Annan doorgegeven.
Om 23:00 in Accra en lag ik om 00:30 op bed in huis van een zus van Edwin. Een heel korte slaap want om 05:00 er weer uit om de bus te halen naar Bolgatanga.
Pech want de bus reed niet vanwege te weinig passagiers. Met een alternatief naar Kumasi om daar een snelle bus naar Bolga te nemen.
Pech want die was ook al weg. Dan weer met een trotro, een minibusje, naar Tamalé, 200 km ten zuiden van Bolga.
Daar aangekomen om 21:45 was die bus ook al weg. Ik wilde naar een hotel maar Edwin had daar geen zin in.
Samen met nog drie anderen hebben we een taxi genomen. Ook dat zag er aanvankelijk goed uit maar toen de andere passagiers mee moesten betalen dropen ze af en mochten deels op mijn kosten mee naar Bolmgatanga.
Midden in de nacht op de snelweg stopte de motor. De benzine bleek op terwijl het metertje half aangaf.
De anderen hadden even terug een pomp gezien. De chauffeur ging op pad met mijn lantaarn om benzine te halen.
Na geruime tijd was hij er met benzine. Tijdens het ingieten, via een plastic zakje als tuitje, zag Edwin dat we ook nog een lekke band hadden.
Intussen was een pantserauto gestopt. Gelukkig was het de snelweg politie op patroulle gewapend met geweren.
Ze zagen dat we echt problemen hadden en vertrokken weer. De reserve band had zowaar nog wat lucht en konden we terug naar de benzinepomp.
Daar had de man gelukkig een handpomp en konden we de band redelijk vol krijgen.
Het was nog 80 km naar Bolgatanga. Om 03:00 daar bij mijn logeeradres aan gekomen.
Ook nu blafte de waakhond niet, net als vorige keer. Gelukkig werd de wachtsman wel wakker en kon ik naar bed.
Twee nachten met bar weinig slaap deden me nu voor mijn doen heel lang slapen.
Dat was me het reisje wel. In Bolga waren ze natuurlijk blij dat ik er was en andersom ook.
Ongeveer 15 pompen ben ik daar in het Bongo District wezen bekijken. In dit district zijn de 150 pompen met NCDO subsidie geplaatst.
Bij het bekijken heb ik ook nu weer een bijzondere ervaring opgedaan over de goede resultaten van het gebruik van de touwpomp op een waterput.
Men vertelde dat het watertappen nu zo fijn gaat, vooral door de kinderen die met gemak water tappen voordat ze naar school gaan.
Maar het mooiste klonk als muziek in mijn oren dat ze vertelden dat er veel minder zieken zijn nu er een pomp op de put staat.
Ook is er uit dankbaarheid en blijdschap gedanst voor me. Nou dat is toch mooi nieuws nietwaar?
In Kumasi ben ik twee nachten geweest en nog naar Bekwai gegaan.
Daar is Moses, uit Bolgatanga, pompen aan het maken en heb ik daar 15 pompen bij hem, via Edwin, besteld om op waterputten van armen te plaatsen aldaar.
De reis vanuit Kumasie begon niet zo vroeg, gisteren.
Er was net een bus vertrokken en voor deze vol was was het 09:30 en ik was er al om 07:00.
Na 1 km werd er naar een garage gereden en ging men de radiateur er uit halen, die was lek.
Na 3 pogingen het lek te repareren had de man succes en kon het ding er weer in gemonteerd worden.
Zonder verder te stoppen voor een pauze kwam ik om 16:45 aan in Ho. Vandaar om 17:00 met een wrak naar de grensplaats Nivé.
Geen Paulin dus en in donker naar Kpalimé. Mijn maag begint te knorren. Ik stop met deze brief. Later meer over hier in Togo.
Nu eerst wat inkopen doen om wat te gaan eten. Ontvang allen mijn hartelijke groeten, Jan

Togo, Kpalimé, 24 november

Beste allemaa. De vorige brief was over de reis en het verblijf in Ghana.
Nu al weer een week in Togo en moet ik opschieten om de spullen in de koffer en tas te doen.
Intussen ook al twee keer van kamer veranderd. De eerste was als een cel in de gevangenis, goed voor 1 nacht.
De tweede was gloeiend heet en nu gaat het wel met de derde. Afgelopen twee nachten heb ik goed geslapen.
Dat kwam door de grote afstanden die ik gelopen heb door de velden en ongeplaveide straten.
Dinsdag nar het centrum voor gehandicapten in Womé geweest en de boel voor Ben vd Meer bekeken.
In het dorp zelf op zoek gegaan naar waterputten die in aanmerking komen voor een touwpopmp van onze stichting.
We hebben er drie gezien en tot de conclusie gekomen dat we in het hele dorp maar touwpompen moeten gaan plaatsen.
Als een compleet project. De chef van het dorp was al blij met de toezegging van twee pompen op mooie en goed onderhouden waterputten.
Dus daar in dat dorp en omgeving heeel veel gelopen. Gisteren ben ik hier in Kpalimé zes pompen wezen bekijken.
Ook enorm veel gelopen. De pompen zien er goed uit en de mensen zijn er ook hier heel blij mee.
Een mevrouw vertelde me dat het water schoner is dan voorheen.
En dat voordat de pomp er op kwam de put ook al een deksel had.
Ook gisteren een aantal putten gezien om een pomp op te gaan plaatsen. Maandag ben ik naar Lomé geweest.
Ik moest naar de ambassade van Ghana voor een visum en wat brieven afgeven aan enkele bekenden van Ben vd Meer.
Na het invullen en na de eerste procedure werd me gezegd dat ik de volgende dag mijn paspoort kon komen ophalen.
Nou dat zag ik helemaal niet zitten want ik ga hier naar de ambassade om wat geld uit te sparen en nu zou het nog veel geld gaan kosten voor vervoer.
Ook de reis is geen lolletje en kost me weer een dag. Ik vertelde dat tegen de dame en vroeg de ambassadeur te spreken.
Laat dat nou lukken. Na wachten kon ik bij hem komen.
Ik hem vertelde dat ik vrijwilligerswerk doe en in Kplaimé logeer en dat de reis niet zo fijn is en als u kijkt naar mijn leeftijd wil ik u beleefd vragen om vandaag de visum aan mij te geven.
Kortaf zei hij dat ik moest wachten bij de receptie en binnen het half uur had ik mijn paspoort met transit-visum terug.
Dat was een hele opluchting. Ik blij natuurlijk en de receptioniste kreeg een mooie kalender van me.
Intussen ook nog wat bekenden gezien en een bezoekje gebracht aan oude bekenden.
Vorige week vrijdag ook nog naar het dorp Akata geweest en daar twee pompen toegezegd die geschonken zijn door de stichting AKATA van Ben vd Meer.
Daar zijn ze erg blij mee en zullen de pompen binnenkort geinstalleerd worden.
Er zijn in dat dorp enkele geboorde waterputten en de prachtige pompen die er op staan doen het al lang niet meer.
Nu worden er touwpompen op gemonteerd. Die blijven het doen en zijn makkelijk te repereren als dat nodig mocht zijn.
Zo zijn we donderdag ook een brief weg wezen brengen vlakbij Kpalimé, eveneens voor BvdM.
Daar wordt nu ook een pomp in het dorp geplaatst. Dus dat rondreizen levert telkens weer plekjes op waar waterputten zijn voor een touwpomp.
Zaterdag een beetje rustig aan gedaan. Hoe is het mogelijk, ik heb een boek uitgelezen!
Ik had geen Het Beste meer en nam maar een gewoon leesboek mee.
Dat weet ik ook weer dat ik dat nog kan en ben van plan om weer af en toe een boek te gaan lezen.
Op zondag naar de kerk. Er was dankdienst. Dat neemt hier een hele tijd, 3,5 uur, in beslag want al de tuinproducten kippen een een geit moeten bij opbod worden verkocht.
Aan het eind van de dienst waren al een aantal mensen vertrokken.
Verder vandaag wat sociale contacten onderhouden wat me natuurlijk me een paar duiten lichter heeft gemaakt.
Maar het is goed besteed als je een paar mensen een beetje vooruit kan helpen. En ze doen hun best!
Vanmorgen een bezoek gebracht aan de overheids instantie die over waterputten gaat.
Ik heb verteld dat ik aan het bestuur van mijn stichting wil vragen of er voor Togo ook een subsidie aangevraagd mag worden voor een groot aantal touwpompn en daar hebben we een instantie voor nodig, of hij daar voor voelde.
De man stond bijna te juichen toen hij dat hoorde en de meegebrachte foto’s zag.
Hiermee haal ik me weer extra werk en zorg op de hals. Maar ja zo gaat het nou eenmaal.
Morgen de koffer nog inpakken en nog wat dingetjes kopen. Zaterdag is het weer een lange reisdag.
Vroeg uit bed en naar Accra om laat in de avond naar ons koude Holland te vertrekken.
Iedereen bedankt die mij geschreven heeft.
Al ben ik maar een paar weken weg, toch is het fijn om iets te lezen over ditjes en datjes.
Tot ziens en hartelijke groeten,

Jan
PS.
Ik was nog vergeten te schrijven over de reis van Bolgatanga naar Kumasi, eigenlijk wel leuk om bij de afdeling echte verhalen te voegen.
Maandag 14 november om 05:00 uur uit Bolga vertrokken.
Deze keer niet met busjes en trotro’s maar met de auto van Edwin want zijn broer uit Kumasi, de pastoor, had gebeld dat Edwin een koe mee moest brengen want die zijn daar in Bolgatanga goedkoop.
Dus ‘s zondagmiddags is er een koe geslacht door de vader van een van de pompenmakers en maandagochtend heel vroeg ingepakt en achterin de pick-up gelegd.
Het begin van de 600 km lange rit ging goed. Het was nog donker en koel.
Wel zei ik tegen Edwin dat hij niet te snel moest rijden, dat is goed voor de 18 jarige motor en het benzine verbruik.
Maar naar gelang de zon hoger aan de hemel kwam werd het ook warmer. We stopten af en toe om de benen te strekken en de motor wat rust te gunnen.
Maar nog niet op de helft hoorde ik een doffe plof. Ik zei dat hij aan de kant moest gaan om alles na te kijken.
Edwin zei dat de plof van een vrachtwagen was. Maar het was wel degelijk onze auto.
Heel de machinekamer vol met olie en de temperatuur was boven het maximale.
Gelukkig stonden we bij een benzinepomp of iets wat er op leek en er stond een tankwagen.
De chauffeur kwam naar ons toe en we vertelden wat er was.
Hij zag niet waar de olie uit gespoten was, wel moesten we de motor af laten koelen, en dat kan daar niet in de hitte dacht ik.
Na enige tijd haalde hij voorzichtig de dop van de radoiateur en deed er 2 ltr water bij.
Ik had vier liter water zomaar meegenomen voor je weet maar nooit. Ook liet hij wat vies water weglopen en verving dat.
Er werd een liter olie in de motor bijgevuld en we moesten het maar rustig aan doen zei de beste man.
Dankbaar voor de hulp gingen we weer verder.
Nou had ik al een paar keer tegen Edwin gezegd dat hij meestal in een te hoge versnelling reed en dat vergde volgens mij ook veel extra van de motor waardoor de temperatuur ook onnodig hoog werd.
Na veel keren stoppen en water en olie controleren kwamen we tevens wat zuidelijker en in de heuvels.
Daar is het een stuk koeler en dat merkten we goed aan de temperatuuraanwijzer.
Twee uren later dan gepland kwamen we in Kumasi aan.
Ik adviseerde om het koeienvlees eerst maar uit te laden alvorens aan de limonade te gaan.
Nou de achterbak van de auto ging open en daar kwam me toch een rotte vleeslucht uit!
Maar dat gaf niets, het had natuurlijk beter geweest als het vlees niet verpakt was geworden, zei de pastoor en werd het vlees verdeeld in de vriezer en koelkast-vriesvakje.
Ook de huid was meegegeven en die stonk het hardst.
Het viel wel mee denk ik want ze waren allemaal blij met het vlees en toen de prijs bekend werd was er helemaal niets aan de hand.
Het was een goedkope koe vergeleken met de prijzen in Kumasi. Het was niet zo een grote koe als het verhaal laat lijken.
Netjes bedankte ik voor het aanbod om een stukje lever voor mij te laten bereiden.
De auto is nagekeken door iemand en er was no problem, zei Edwin toen ik hem later opbelde om te zeggen dat ik gezond en wel thuis was gekomen.
Intussen ben ik nog niet gewend aan de kou, maar dat komt nog wel.





waterdrup